Kleinkind van een dode kamer. Hervertelling van grootmoeders oorlogstrauma

1 juli 2020

Dichter Ellen Deckwitz werkte vijf jaar aan een dichtbundel waarin zij de oorlogsherinneringen van haar Indische grootmoeder vertaalde in een stromende mix tussen proza en poëzie. In Hogere natuurkunde laat zij zien in welke verscheidenheid aan vormen trauma’s nog generaties lang hun weg kunnen blijven zoeken.

Als enige op de hoogte
Eigenschappen slaan soms een generatie over. Waar jij, in navolging van je nog steeds soepele grootmoeder, met gemak je benen in je nek kunt leggen, zie je je moeder stuntelen om haar tenen aan te raken. Terwijl jouw vader en dochter vol vuur ieder aan één kant van het schaakbord plaatsnemen, vraag jij je af waarom die tactische scherpzinnigheid jou heeft overgeslagen.

Zo kunnen ook een oorlogsverhaal en het bijbehorende trauma zich gedragen, laat Ellen Deckwitz (1982) zien in haar geprezen bundel Hogere natuurkunde. Nadat haar indische grootmoeder overlijdt, ontdekt Deckwitz dat zij als enige van haar familie op de hoogte is van de schokkende gebeurtenissen in het Japanse interneringskamp waar haar oma tussen 1942 en 1945 verbleef, en waar zij werd gemarteld, verkracht en haar eigen moeder begroef. In een vorm die het midden houdt tussen poëzie en proza legt Deckwitz de oorlogsherinneringen van haar oma bloot, die haar grootmoeder niet op haar eigen kinderen, maar wel op haar overdroeg.

 

Het hele artikel van Anne van den Dool is te vinden in het nummer Oorlog en literatuur (2020:2). Verder lezen? Kijk hier hoe je je kunt abonneren op Impact Magazine.